Joost van ’t Hooft Fonds voor vakbondsmensen in nood
FNV Mondiaal werkt sinds 27 oktober samen met het Joost van ’t Hooft Fonds, vernoemd naar de in 2008 overleden Abvakabo FNV-bestuurder. Het fonds is bedoeld voor het vergoeden van acute nood voor vakbondscollega’s in landen waar het slecht gesteld is met de democratie en mensenrechten. Zij moeten daardoor hun werk onder gevaarlijke omstandigheden doen.
Door Astrid van Unen
Natascha van ’t Hooft, weduwe van Joost, richtte dit fonds op na het overlijden van haar echtgenoot. “Joost had goed voor mij gezorgd en toen hij overleed, kwam er geld vrij. Maar ik heb zelf een baan en kan prima voor mezelf zorgen, dus dacht ik: ‘Is dat geld voor mij?’ Ondertussen merkte ik dat FNV Mondiaal steeds meer beperkt werd in haar werkzaamheden en landenkeuze door de regelgeving in Den Haag. En zag ik af en toe een mailtje voorbij komen met een oproep om een collega elders in de wereld te helpen. Toen besloot ik een fonds op te richten voor vakbondscollega’s op de vlucht, of voor degenen die een advocaat nodig hebben, maar dit niet kunnen betalen.”
Joost van ’t Hooft overleed op 56-jarige leeftijd aan kanker. Hij is altijd vakbondsbestuurder geweest. Eerst als regiobestuurder bij de Nederlandse Bond voor Gemeenteambtenaren (NBvGA). Na een fusie veranderde deze bond in de Nederlandse Onafhankelijke Vakbond voor de Overheid en Non-profitsector (NOVON), waar Joost cao-onderhandelaar in de energiesector, de gemeenten, waterschappen en provincies werd. Uiteindelijk ging NOVON op in Abvakabo FNV en werd Joost onderhandelaar voor de lagere overheden: gemeenten, provincies en waterschappen.
Leven onder druk
Ook Natascha heeft haar hele leven voor de vakbeweging gewerkt, met een kort uitstapje naar onder meer Greenpeace, waar ze de persvoorlichter was voor de campagne Shipbreaking. Ze is nu hoofd communicatie en marketing bij FNV Bouw. “Bij deze bond heb ik een tijdje internationaal werk gedaan, waar ik onder meer in Dubai in contact kwam met bouwvakkers uit Bangladesh. Zij werkten onder vreselijke omstandigheden, net zoals de shipbreakers in India. Daar praatten Joost en ik vaak over.”
Ze constateerden samen dat ze nooit bang hoeven te zijn bij het uitoefenen van hun werk, bijvoorbeeld als ze oproepen tot actie. Hun leven wordt niet onmogelijk gemaakt. “Wij krijgen zelfs goed betaald voor ons vakbondswerk. Maar het leven van deze collega’s staat zwaar onder druk. Daar, in die verre landen, gaat het over heel fundamenteel vakbondswerk zoals veilig en gezond werk, kinderarbeid, intimidatie op het werk. Soms het verschil tussen leven en dood. En dan doen zij ook nog het werk onder zware omstandigheden. Daar ging ons hart naar uit.”
Toen Natascha alleen overbleef en nadacht over een goede bestemming van Joosts erfenis, was de keuze al snel gemaakt. “Dit fonds past in de lijn van het karakter van Joost. Hij was altijd bezig met wat hij voor anderen kon doen. Wie hem nodig had, kon op hem rekenen. Daar hoort steun aan vakbondscollega’s elders in de wereld helemaal bij.”
Snel in actie
Het Joost van ’t Hooft Fonds is officieel in 2009 opgericht. Het heeft een ANBI-verklaring gekregen, waardoor giften aftrekbaar zijn en over ontvangen schenkingen geen belasting hoeft te worden betaald. Natascha koos voor samenwerking met FNV Mondiaal, omdat die de kennis van en ervaring heeft met onderdrukte vakbondscollega’s. “Zij krijgen onmiddellijk de noodsignalen binnen en kunnen dan bij ons een verzoek indienen. Ook is een deel van het geld permanent bij FNV Mondiaal gestald, zodat ze snel in actie kunnen komen. Dan vindt de toetsing achteraf plaats.”
Op dit moment spelen al twee zaken waaraan het fonds geld zou kunnen doneren en nu bekeken worden. De eerste gaat om een vakbondsbestuurster in Zuid-Afrika die mede door haar vakbondswerk in de problemen is geraakt en nu medische hulp nodig heeft. De tweede gaat om de Zimbabwaanse vakbondsvoorvrouw Gertrude Hambira (zie foto), die al sinds begin 2010 op de vlucht is en nu in Namibië verblijft. De financiële hulp voor beide vrouwen kan niet door reguliere vakbondsfondsen worden uitgekeerd, maar nu dus wel door het Joost van ’t Hooft Fonds.
“Ik ben heel blij dat ik met het geld van Joost iets goeds kan doen”, zegt Natascha. “Dat we nu echt collega’s kunnen gaan helpen. Ik hoop dat er veel steun komt van de FNV-bonden en kadergroepen, zodat we veel meer mensen kunnen helpen. En hiermee ook aandacht kunnen vragen voor de barre omstandigheden waaronder zij hun werk moeten doen.”
